Bobbel en Bengel gaan naar Apenheul.
Met de hele familie.
Een dagje aapjes kijken.
Opa zit met oma voor in de bus.
Achterin zitten papa, mama
en kleine Sem.
Bobbel en Bengel zitten bij oom Gijs.
Iedereen staat te wachten in de rij
voor de kaartjes.
Bobbel en Bengel vervelen zich.
Het wachten duurt lang.
Bobbel en Bengel willen ook in de kinderwagen.
Net als kleine Sem.
Maar ze moeten lopen van oom Gijs.
Eerst gaan ze naar de brulapen.
Wat zijn het er veel.
Wat maken ze een herrie!
Bobbel en Bengel rennen weg.
Hun staarten hoog in de lucht.
Bianca Mastenbroek (1975) is geboren en getogen in De Moer (zes straten, een kerk en een café) en woont sinds 1995 in Eindhoven.
Zoals heel veel schrijvers was ze van jongs af aan al gek op lezen en schrijven. Als kind schreef ze hele schriften vol. Haar allereerste ‘boek’ heeft ze als tiener nog op de typemachine uitgetypt.